Helixer


PieterJan Mellegers is schaakleraar en redacteur en was zeven jaar recensent bij het Utrechts Nieuwsblad. Sinds 1978 publiceerde hij zes dichtbundels. In 2024 verscheen bij Uitgeverij Volzin in Middelburg Hier stokt het hanige heilige woord (titel ontleend aan een gedicht van Mustafa Stitou), dat hij schreef samen met Martien E. Brinkman, over tien moderne dichters, met als thema ‘Wat maakt het leven voor deze dichters zinvol?’

Helixer is zijn zesde bundel en daar verscheen een tweede druk van. De bundel is geïllustreerd door Anna Naboka, die voor ze naar Nederland kwam in Oekraïne illustrator van kinderboeken was en lesgaf op een kunstopleiding.

Op de achterflap: Helixer: Je ziet wel eens vogels in/ een dichte zwerm/ vliegen, alsof ze samen/ één organisme zijn. Zo’n/ zwerm beeldt soms een vorm uit. Ik zag ooit zo’n/ zwerm in de vorm van/ een helix. Die doet/ denken aan een kurkentrekker. Het is een structuur die ook in ons DNA, ons erfelijk materiaal voorkomt.

De bundel opent met een gelijknamig gedicht Helixer: De vogels vliegen in een helix/ freestyling door het heelal, /schroeven omhoog zoals een feniks/ die aan het kwaad ontstijgt.// We zijn voor geluk geboren./ Het zit gewoon in onze genen. In de aantekeningen verduidelijkt de dichter wat een helix is: een wiskundige figuur die ontstaat doordat iets omhoog beweegt in (schijnbare) cirkels. Vergelijk het met een wenteltrap: je loopt rondjes maar gaat ook omhoog. (…) Of vogels ooit in een helix vliegen weet ik niet, maar sommige spreeuwenzwermen doen eraan denken.

De poëzie van PieterJan Mellegers is uiteenlopend van thematiek, vrij prozaïsch en ongecompliceerd, wat een vlotte lezing garandeert. Vaak fijnzinnig, zoals in de beginregels van Voor een onbekend lief: Als je komt, kom zachtjes, /en onverwacht en het sterkst als ze van enige introspectie getuigt. Twee voorbeelden. Uit de cyclus Aforistisch: Laten we het verstrijken van de tijd omarmen/ zoals woede en liefde elkaar omhelzen,/ in uitbundige verwarring./ Zorg voor elke seconde,/ de uren zorgen wel voor zichzelf. Uit de cylus Intermezzo: Gedeelde tijd (Silent reading): Sommigen rechtop, anderen onderuitgezakt,/ iemand met haar voeten onder zich opgevouwen/ zoals vroeger toen ze bij ons op de bank zat.// Al die mensen, al die stiltes/ alsof we samen in één bed liggen, voor het eerst./ We proberen niet te woelen.

Het laatste gedicht is Poëzie, voorafgegaan door een citaat van Remco Campert (een vogel, natuurlijk nu een vogel/ die opklapt uit een boomtop), met een ironische ondertoon in de laatste regels: De zwermen, de zwaluwen,/ De helix, de feniks, het elixir,/ De vlucht, het vliegen,/ De vleugels, de arend,/ De vliesvleugeligen./ Poëzie nodigt je uit/ om vaker omhoog te kijken./ Zelfs al is er niets te zien.

Na de gedichten volgen info over de auteur, reacties op eerdere dichtbundels, aantekeningen en info over de taalkundige Geert Koefoed (aan wie het gedicht Deze pijn is opgedragen en die naast tal van andere vrienden in het dankwoord wordt vermeld) en Anna Naboka.

Helixer, PieterJan Mellegers, Uitgeverij Helixer, De Bilt, 2026
(bestellingen: helixer@pieterjanmellegers.nl
).

(Roger Nupie)