Torhout vers aan huis

Als je het mij vraagt zijn er vandaag de dag niet genoeg goeie gelegenheidsbundels op de markt. Po√ęziepublicaties naar aanleiding van bepaalde evenementen worden in mindere mate op de markt gebracht en dat is jammer. Onlangs stootte ik op een werkje van Joris Denoo. Als Torhoutenaar werd hem door het stadsbestuur gevraagd om enkele gedichten aan Torhout te wijden en zo tot een samenhangend geheel te komen. Het boekje werd een keurige publicatie. Denoo heeft uiteindelijk 18 gedichten aan zijn geliefde Torhout gewijd. De auteur gaat terug in de tijd, hij mijmert en vertelt en komt via jeugdherinneringen tot gedichten die de tijd van toen evoceren. Hij laat zich leiden door wat hijzelf heeft gezien en wat hijzelf heeft meegemaakt. Wie de bundel leest, leert Torhout kennen zoals het was. Daarbij komen markante personages op de voorgrond. De dichter kiest eveneens voor die plekjes in de stad die een belangrijke rol in zijn leven hebben betekend en vooral indruk op hem hebben gemaakt. Het werk is als het ware een tijdscapsule geworden: anekdotisch interessant. Het stadbestuur van Torhout liet 4000 exemplaren drukken. Torhout vers aan huis is onderverdeeld in de cycli: Intro, Geschiedenis en Aardrijkskunde. Alles samen een interessante reeks gedichten. Een bezoek aan Torhout wordt na het lezen van dit werk nooit meer hetzelfde.

Straat zonder einde

Toen Hongarije nog oud was,
en Victor Vandewiele doodviel op zijn land,
en Charles Declercq de ene na de andere
sigaret zonder filter onbekommerd oprookte,
toen woonde ik in een doodlopende straat
en waande ik me een Oude Hein met een lamp
die mensen hielp om niet in putten te vallen.
Er waren ononderbroken wegenwerken in mijn hoofd.
Bij nacht en ontij was ik een baken.

Ondertussen heb ik Hongarije gezien: een dumpzaak.
Vandewiele pleegde eindelijk zelfmoord,
en Declercq kreeg een verdomd laffe kanker.
De spoorwegboom is nog altijd neergelaten:
een stommiteit van in het steentijdperk,
toen de mensen nog slim waren, dacht ik.
Dagelijks loop ik weer als kind door die straat
in mijn hoofd: gevaarlijke hond!, houtzagerij,
regen, gerinkel van glas in een boodschappentas.

Ik had die straat niet zeer hartelijk lief.
Het was mijn Hongarije, lijdensweg en fuik.
En wat ze verborgen hield voor de dichter
En dromer in mij : een Fransman die zerken kapte,
een koppel overlevende Joden, twee vrouwen aan de drank,
een hoedenmaakster en een hoer, een blinde,
een mager,dood meisje in een sportwagen.
En ten slotte ikzelf, vastgebonden aan een schooltas,
die altijd Sans Famille dacht te zijn.

Het is een straat die van geen ophouden weet.

De echte Torhoutenaar zal deze bundel met eerbied koesteren. Voor de andere stervelingen kan de inspanning van Denoo een reden zijn om de stad te gaan bezoeken. Ik weet niet of de bundel nog kan aangeschaft worden. De publicatie vermeldt nergens publicatiedatum. Een ISBN ontbreekt ook. Wie Torhout vers aan huis wil lezen kan misschien beter naar de bib trekken.


Torhout vers aan huis, Joris Denoo, Stad Torhout/Het Cultuurpunt, Torhout, z.j.

(Frank Decerf)